<

Bijkomende Onderzoeken


Elektrofysiologisch onderzoek en radiofrequentie ablatie

Inleiding
Aan de hand van deze informatie wil het Cardiologisch Centrum van het Onze-Lieve-Vrouwziekenhuis u enig inzicht geven over het elektrofysiologisch onderzoek en radiofrequentie ablatie als behandelingsmethode voor ritmestoornissen.

Waarom wordt deze techniek bij u toegepast?
Het elektrofysiologisch onderzoek dient om na te gaan of er zich bij u hartritmestoornissen voordoen. Het is mogelijk dat u een klachtenpatroon heeft dat de aanwezigheid van zo'n stoornis waarschijnlijk maakt.

Eens dit vermoeden bevestigd wordt, kan men in overleg met u beslissen deze hartritmestoornis te behandelen d.m.v. radiofrequentie ablatie.

Via een katheter wordt dan de plaats waar de ritmestoornis ontstaat, vernietigd. Men doet dit door de punt van de katheter te verwarmen d.m.v. radiofrequente golven.


Belangrijke opmerking vooraf
Bij zwangerschap of mogelijke zwangerschap mag dit onderzoek of behandeling in geen geval doorgaan !!

Voorbereiding
Vooraleer de procedure kan plaatsvinden, wordt een bloedonderzoek verricht en zal een RX-foto van het hart en de longen, alsook een elektrocardiogram worden gemaakt.
Tot zes uur voor de procedure mag u eten, daarna moet u nuchter blijven.
Voor u naar de behandelingskamer gebracht wordt, zal een infuus in de arm worden geplaatst om de nodige medicatie te kunnen toedienen. Tevens zal men u vragen een ziekenhuishemd aan te trekken.
Een licht kalmeermiddel wordt met een klein beetje water ingenomen en de gebruikelijke medicatie van thuis wordt enkel genomen indien u hiervoor de toestemming heeft gekregen van de verpleegkundige op de afdeling.
Voor u naar de behandelingskamer gaat, is het raadzaam nog eens te urineren aangezien dit tijdens het onderzoek of de behandeling moeilijk zal zijn. Uw bril kan u ophouden, een kunstgebit, contactlenzen en sieraden brengt u best niet mee naar de onderzoekskamer.

Mag ik mijn thuismedicatie innemen?
Bij uw opname in het ziekenhuis zal een verpleegkundige de volledige lijst van uw medicatie komen noteren. U zal dan duidelijke instructies krijgen welke medicatie u mag nemen en welke u moet stoppen. Het is dus absoluut van belang dat u uw thuismedicatie meebrengt naar het ziekenhuis. Indien u antistollingsmedicatie neemt zoals Marcoumar, Marevan of Sintrom dient u deze vier dagen vóór opname te stoppen en uw huisarts hiervan te verwittigen. Het is namelijk mogelijk dat deze medicatie tijdelijk dient vervangen te worden door spuitjes.
Voor alle duidelijkheid: Aspirine is geen antistolling en dient dus niet gestopt.
Het kan ook gebeuren dat uw cardioloog of huisarts u zal vragen ook andere medicijnen te stoppen in het kader van het onderzoek, volg deze instructies correct op want dit is in het belang van het vlot verlopen van het onderzoek en behandeling.
Indien u toch nog twijfelt, neem gerust contact met ons op (tel 053/724437).


Procedure
In de onderzoeks- en behandelingskamer zal u een verscheidenheid aan apparaten aantreffen die gebruikt worden om uw hart in beeld te brengen en om het ritme van het hart te beïnvloeden en te bewaken.

Eén of twee geneesheren zullen het onderzoek en eventueel de behandeling bij u uitvoeren en tevens zal u achter het glazen scherm meerdere artsen zien die verantwoordelijk zijn voor de metingen tijdens de procedure. Verder is er een verpleegkundige aanwezig om u tijdens het onderzoek te helpen.

Als u op de behandelingstafel ligt, worden meerdere elektroden op uw lichaam gekleefd. De arts zal u met steriele doeken bedekken waarbij enkel het aangezicht wordt vrijgelaten.

De plaats waar de katheters worden ingebracht, wordt plaatselijk verdoofd. Daarna zullen een paar buisjes in een bloedvat in de lies worden ingebracht. Soms is het ook mogelijk dat een dergelijk buisje in een bloedvat in de hals wordt geplaatst.
Door deze buisjes zullen verschillende katheters opgeschoven worden naar het hart om zo uw hartritmestoornissen te onderzoeken. Tijdens dit deel van het onderzoek zal het hart elektrisch gestimuleerd worden om zo eventuele ritmestoornissen op te wekken.

Hierbij kunt u hartkloppingen ervaren wat evenwel een normaal onderdeel van de procedure uitmaakt.
Bij middel van een elektrische stimulatie kan men eventueel opgewekte ritmestoornissen ook weer vlot beëindigen. Soms wordt er ook medicatie toegediend om het opwekken van de ritmestoornissen te vergemakkelijken.

Tijdens de uitgelokte ritmestoornissen worden gedetailleerde metingen van de elektrische activiteit van het hart uitgevoerd om zo de exacte oorsprong van de ritmestoornissen op te zoeken. Indien men deze plaats van oorsprong heeft gevonden, wordt de punt van de katheter met behulp van radiofrequentie energie opgewarmd om zo de ritmestoornis definitief te beëindigen. Tijdens het toedienen van deze radiofrequentie energie is het mogelijk dat u een warmtegevoel op de borst voelt. Indien u pijn ervaart, moet u dit meedelen aan de geneesheer zodat hij de ablatie eventjes kan onderbreken.

Eventuele problemen
Het is mogelijk dat uw klachten veroorzaakt worden door ritmestoornissen die niet met radiofrequentie ablatie behandeld kunnen worden. Vaak is het mogelijk deze ritmestoornissen met behulp van medicatie of met een pacemaker te behandelen.

Bij ongeveer 4 % van de behandelde patiënten zijn de ritmestoornissen van die aard dat ook plaatsing van een pacemaker noodzakelijk is. Bij sommige patiënten is de plaats van oorsprong van de ritmestoornis namelijk dicht bij het normale elektrische geleidingssysteem van het hart gelegen.
Hierdoor kan het gebeuren dat, teneinde de ritmestoornis te genezen, het normale geleidingssysteem van het hart beschadigd wordt waardoor plaatsing van een definitieve pacemaker aangewezen zal zijn. Deze beslissing wordt pas na overleg met u genomen.

Het is mogelijk dat de ritmestoornissen in een later stadium opnieuw optreden. Het opnieuw optreden van de stoornissen, ondanks een in eerste instantie succesvolle radiofrequentie procedure, komt voor bij ongeveer 10 % van de patiënten. Een tweede en eventuele ook een derde radiofrequentie ablatie is daarna meestal effectief om het ritmeprobleem te genezen.

Wat na een radiofrequentie ablatie?
Na de procedure worden de buisjes verwijderd waarna u nog vier uur in bed moet platliggen teneinde een eventuele bloeduitstorting te vermijden.
Indien de slagader werd aangeprikt om het hart te bereiken, zal u langer moeten platliggen, de verpleegkundige zal u hiervan op de hoogte brengen.

Het hartritme zal gevolgd worden en er zal een controle van bloeddruk en van de insteekplaats in de lies gebeuren.

Vóór het ontslag zal de behandelende geneesheer de resultaten van de procedure met u bespreken. De verpleegkundige zal u komen zeggen wanneer u ongeveer de dokter kan verwachten.
Vooraleer u ontslagen wordt uit het ziekenhuis zal de hoofdverpleegkundige nog langskomen. U kan dan nog steeds bijkomende informatie vragen of praktische formaliteiten bespreken.



ENKELE VAAK VOORKOMENDE VRAGEN:

Kan ik op voorhand een kamer reserveren?
Wanneer u een voorkeur hebt voor een bepaalde kamerklasse kan u hiervoor bellen naar de opnamedienst van het ziekenhuis, campus Aalst tel: 053/724214 of campus Asse tel: 02/4510640
Wij zullen dan zeker rekening houden met uw keuze. Het is echter zo dat ziekenhuiskamers niet kunnen vrijgehouden blijven bij onvoorziene of acute opnamen. Een volledige garantie tot het invullen van uw keuze kunnen we dus onmogelijk geven. Wij vragen toch enig begrip hiervoor.

Wat mag ik niet vergeten wanneer ik naar het ziekenhuis kom voor een elektrofysiologisch onderzoek of een radiofrequentie ablatie?
- SIS-kaart,
- bloedgroepkaart,
- thuismedicatie,
- eventueel brief van huisdokter of specialist,
- GEEN geld of andere waardevolle zaken.
De kamers beschikken over een kluise afdeling over een kluis. In uw belang: laat NOOIT waardevolle dingen onbewaakt achter.

Kan ik na het onderzoek of de behandeling terug aan het werk?
In principe kan u 24 uur na het onderzoek of de behandeling terug alles doen.
Indien u werkonbekwaam was vóór het onderzoek of de behandeling dient u dit eerst met de dokter te bespreken of u al dan niet terug aan het werk kan. Het kan gebeuren dat het onderzoek letsels aan het licht brengt die het onverantwoord maken het werk te hervatten.

Waar kan ik met attesten voor de verzekering, mutualiteit of werkgever terecht?
Hou deze attesten steeds bij u op de kamer. Indien deze door de arts dienen ingevuld zal hij dit doen bij het ontslaggesprek. Attesten die door de ziekenhuisinstelling dienen ingevuld kan u steeds laten invullen aan de receptie bij het verlaten van het ziekenhuis.
Indien er hierover toch nog onduidelijkheden zijn kan u hiervoor steeds terecht bij de hoofdverpleegkundige van de afdeling.

Welke formaliteiten dien ik te vervullen alvorens het ziekenhuis te verlaten?
Vooraleer u het ziekenhuis verlaat dient u zich te laten uitschrijven aan de balie bij de hoofdingang van het ziekenhuis. Hiervoor hebt u uw ontslagkaart (grijze kaart) nodig, samen met het formulier waarop uw persoonlijke telefooncode staat vermeld.
Er dient geen financiële afrekening te gebeuren, de ziekenhuisfactuur wordt u later toegestuurd samen met een overschrijvingsformulier.
De ontslagkaart kunt u afhalen op de verpleegpost van de afdeling op het ogenblik dat u het ziekenhuis verlaat.


Enkele nuttige telefoonnummers:
Algemene receptie van het OLV-ziekenhuis 053/724211 of 02/4510211
Receptie secretariaat cardiologie 053/724433 of 02/4510337
Secretariaat coronarografie 053/724437
Reservatie kamers 053/724214 of 02/4510640
Verpleegafdeling coronarografie 053/724563 of 02/4510284














 

   
© Copyright by Meditec - www.meditec.be
Radi MedicalGuidant